Steek voor steek: Raster met blokjes

Het is volgens mij de kunst om niet alleen het juist garen maar ook de juiste steek voor een nieuw ontwerp uit te vinden. Waarmee ik absoluut niet wil zeggen dat ik degene ben die die kunst beheert, maar ik heb er wel wat ideeën over. En vreugde moet je delen om het te vermenigvuldigen, net als kennis geloof ik. Hoog tijd dus om jullie op de hoogte te stellen van mijn ideeën over de steek ‘Raster met blokjes’.

Eerlijk is eerlijk, ik ben fan van opengewerkte patronen. Simpelweg omdat ze heerlijk weg haken. Ik heb letterlijk de artikelen voor mijn afstudeeronderzoek gelezen terwijl ik een filetdeken zat te haken. En aangezien ik niet graag 1 ding tegelijk doe – is zo’n patroon voor mij de perfecte uitkomst om mezelf bezig te houden. Het is alleen jammer dat ik nog niet heb uitgevonden hoe ik fatsoenlijk een boek samen kan vatten en een deken kan haken. Maar vooruit, terug naar die steek.

Op de een of andere manier hebben we altijd het idee dat haken en breien met name iets voor truien en sjaals is – oftewel winterse aangelegenheden. Maar het is juist ook ideaal voor de opengewerkte patronen die in de zomer zo heerlijk zijn over een bikini om snel een drankje in een restaurant te halen of met een hemdje eronder gewoon naar kantoor. En ook spreien of een boodschappentas zijn prima gebaat bij een beetje opengewerkte patronen. In het eerste geval omdat een sprei over het algemeen groot moet zijn, maar niet altijd heel erg zwaar. Met een open patroon kun je veel meer oppervlakte ‘bedekken’ zonder dat er bijzonder veel garen in gaat zitten. Voor boodschappentassen ben ik ook ultiem fan van open patronen. Ten eerste ziet het er erg leuk uit en ten tweede is het ook handig. Want het neemt niet zoveel ruimte in je tas, maar als je hem nodig hebt kun je er toch veel in kwijt.

Dus als variant op een filetpatroon geef ik jullie de raster met blokjes. Het raster is niet gemaakt door een filetpatroon maar door lossenbogen die in de volgende toer met vasten halverwege worden verbonden. Hierdoor krijg je het hele leuke boogjespatroon wat je vaak in doileys tegen komt. Je gebruikt een veelvoud van 8 steken +5 +1. Haak 1v in de 2e l van de naald. haak vervolgens elke keer 5 l, sla 3 steken over en haak 1v in de volgende. Herhaal tot het eind. De volgende toer bestaat uit 5l, 1v in de losse-lus van de vorige toer, en dat herhaald tot het eind van de toer. Eindig met 1 stokje in de eerste vaste van de vorige toer. Dan komen de rasters in zicht. Deze toer wisselt drie toeren lossen-lussen af met stokjes. Je begint met 3l en 1 stok in de laatste stok van de vorige toer. Vervolgens haak je 2l, gevolgd door 1 stok in de volgende l-lus, 2l en daarna 4 stokken in de volgende lossen lus. Deze twee (1 stok en 4 stokken in de lus) blijf je afwisselen. Je eindigt met 1 stokje in de 3e beginlosse van de vorig toer. De volgende 3 toeren zijn weer lossen-lussen met elk 5 lossen. Waarbij je de eerste en de laatste van de 3 toeren begint met 5 lossen en een vaste in de eerste lus en eindigt met 2l en een stok in de laatste vaste of stok. De middelste toer begin je met een losse en een vaste gevolgd door de lossen lussen.

En geloof me, als je hem eenmaal te pakken hebt, doe je het met je ogen dicht. In mijn geval letterlijk. Met een heerlijk luchtig resultaat. Geschikt voor praktisch alles. Dus laat je fantasie de vrije loop.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *