Lief viooltje, dank voor je kleur

“Rozen zijn rood, viooltjes zijn blauw. Ik houd van jou.” dit is waarschijnlijk en van de meest gebruikte rijmende zinnen ooit. Daar durf ik aardig wat geld op in te zetten. Toch zijn het op de Valentijnsdag de rozen die vijfmaal zo duur zijn en loop je al snel een blauwtje als je met een schaal viooltjes aan komt. Tenminste normaal gesproken. Mijn vader zou je juist bijzonder blij maken met zo’n schaal. En mij misschien ook wel meer dan met een bos rozen. Aangezien ik niet de meest groene vingers heb, overleven ze waarschijnlijk langer dan die rozen – die ik trouwens ook niet krijg. En daar komt nog bij dat viooltjes in veel meer en mooiere kleurencombinaties te vinden zijn. Reden temeer om er eens een blog over te schrijven.

Om eerste even terug te komen op het begin, viooltjes zijn trouwens helemaal niet voor iedereen het symbool van liefde. Sterker nog Shakespeare, die ik bijna de koning van de liefde zou durven te noemen, zag ze eerder als een symbool voor de dood. Dat wil zeggen, als ze werden genoemd in de toneelstukken dan was het meestal vlak voor of nadag er een karakter een tragische dood had gevonden. Al is dat laatste misschien niet heel erg lastig als je een beetje bekend bent met Shakespeare’s stukken. 

Het potje dat ik haakte

Maar hoewel we het altijd hebben over ‘viooltjes’ in algemene zin, is er een grote variëteit. Natuurlijk kennen we de lange rijen plantenbakken bij het tuincentrum gevuld met praktisch elke te bedenken kleurencombinatie. Maar wist je dat deze eigenlijk in veel gevallen slechts een paar van de vele (lees, 400+!) soorten viooltjes zijn die er bestaan? De veelheid van kleuren komt omdat er binnen de soort veel is gekruist met als gevolg natuurlijke en spontane verkleuringen. De kwekers maken hier dankbaar gebruik van met als gevolg een verbazingwekkende combinatie aan kleuren in onze tuin. Of ze nu groot zijn of je juist een plekje hebt gevonden voor de kleinere bosviooltjes, de kleuren trekken sowieso de aandacht.

En dat is vooral het leuke aan viooltjes, ze zijn kleurrijk bijna het hele jaar door. Dat wil zeggen, zo lang als het niet vriest blijft de bloem bloeien. Dus ondanks dat het plantje slechts 1 seizoen je tuin op kan vrolijken, dan is het wel een lang seizoen. En wat mij betreft is er niets leukers en vrolijkers dan een verzameling viooltjes in elke mogelijke kleurencombinatie te aanschouwen. Een kopje thee en een zonnetje erbij en voorlopig ben ik wel zoet.


Met alleen een klein balkon tot mijn beschikking – waar ik vanaf de bank ook nog eens geen zicht op heb – zijn de kleurige velden voor mij geen optie. en omdat zelfs mijn borduurwerk van viooltjes op de vensterbank niet volledig het verlangen dekt, ontwerp ik maar een plantenpotje met viooltjes. Zo heb ik niet alleen een leuk haakproject maar heb ik vanaf nu ook een beetje extra kleur in huis.

Wil je er ook mee aan de slag? Het patroon is te vinden via de link onder en om de lente te vieren nog tot eind mei in de aanbieding.

Alle konijnen verzamelen!

Dat ik fan ben van konijnen mag geen verrassing meer zijn als je onze geweldige officemanager kent. En dus moet Pasen als feest wel hoog op mijn lijstje staan. Ja dat doet het zeker. maar vooral omdat ik ook erg van croissantjes houd die we vroeger dan altijd bij het paasontbijt hadden. Inmiddels staat er geen Paastak meer in de kamer en bestaat het paasontbijt gewoon als elk ander ontbijt uit yoghurt met muesli. Maar haken voor Pasen om mijn huis te versieren vind ik nog steeds een prima excuus. Hierbij dus een blog over hoe de hazen lopen en of het ei of de kip nu eerst kwam.

Laten we het eerst eens even over Pasen hebben. Zoals wel meerdere feestdagen tijdens ons jaar met een herkomst in de religie waar we de dood en wederopstanding van Christus vieren. Toch zien we geen taarten en broodjes in de vorm van doornenkransen. De Paashaas komt verrassend genoeg uit een heel andere achtergrond. De Germaanse godin Eostre was verantwoordelijk voor het weer en stuurde volgens de mythologie de verschillende seizoenen op tijd de wereld in. Tegenwoordig heeft ze haar werktijden zo het lijkt definitief aangepast, maar toen al versliep ze zich zo nu en dan ook. Met als gevolg dat de lente te laat kwam voor een klein vogeltje dat met lamme vleugels over de aarde hopte. Maar Eostre was altijd in voor creatieve oplossingen en veranderde het vogeltje in een haasje zodat het toch een fijn leven kon leven. En eens per jaar kan het nu, net als de verre voorouders, eieren leggen.

En over eieren gesproken, die komen dan weer wel van het Christelijke feest. Pasen kondigt het einde van de vastentijd aan. Tijdens deze periode wordt er van oudsher geen vlees, eieren en boter en dergelijke gegeten. Het verhaal zou gaan dat de kippen wel eieren bleven leggen tijdens deze periode. De eerste dag na de vastenperiode was daarom een mooie gelegenheid om de grote voorraad eieren aan te spreken. Tegelijkertijd worden eieren ook gezien als een symbool voor vruchtbaarheid. Of dat nu voor het land of voor de mensen geldt zou ik niet durven zeggen – ik heb geen onderzoek gedaan naar graanopbrengsten en de drukte bij verloskundigen in de periode na Pasen.

Dus, de beste voorbereiding voor Pasen afgezien van cholesterolverlagende middelen is dus met behulp van naald en draad. Als je niet een rondhuppelende viervoeter hebt, haak dan is dit haasje van Ravelry. Heerlijk om te haken en ik kan uit ervaring zeggen nog lekkerder om mee op de bank te duiken of in bed mee te knuffelen. En in de categorie klassiek en onmisbaar mag Snuf Konijn van Stip&Haak ook niet ontbreken. Dan weet ik zeker dat het een vrolijk Pasen wordt. Wil je er toch als de kippen bij zijn? Denk dan eens aan een eierschort om heel handig al je eitjes van en naar de keuken de dragen. Of ze nu uit het kippenhok of uit de boodschappentas komen. Ik kan je echter wel aanraden om ze in ieder geval niet rauw erin te stoppen. Tenminste als je zo klunzig bent als ik. Wil je toch liever voor de veiligere optie gaan? Haak dan gewoon fijn deze eierwarmers in de vorm van haasjes. Veilig, vrolijk en echt iets voor het voorjaar.

On tour: Het Wolhuis – Rijssen

Rijssen ligt niet naast de deur, tenminste niet naast de mijne. Maar dat mocht de pret niet drukken. Het was immers alweer een tijdje geleden dat ik richting de Achterhoek ben geweest. Maar het is het wachten tot dat ene koude weekend in september waard. Dat zijn de momenten dat je spijt hebt dat je met de trein gaat en koukleumend op stations staat te wachten, maar het ontvangst des te warmer is.

Een warme ontvangst wil trouwens niet zeggen dat ik de volledige aandacht hebt. Want, zoals ik inmiddels bijna gewoon begin te worden, worden we regelmatig onderbroken door klanten. het pand is klein, maar dat voelt in dit geval vooral knus aan. Je dwaalt bijna door een doolhof van hoge kasten gevuld met allerlei soorten, kwaliteiten en kleuren aan garens. Je moet hier zeker niet met al te veel ideeën binnen lopen, want voor je het weet loop je met een tas vol garens en een to-do lijst voor de komende jaren de winkel weer uit.

Over to-do lijsten gesproken, de eigenaresse van de winkel Ria had precies dat op haar lijstje staan. Al heel lang had ze het verlangen om een winkel in garens te beginnen. Eerst begon dat thuis, online. Maar al snel miste ze het contact met de klanten. Je pakt de garens in en vervolgens weet je niet wat ermee gemaakt wordt en dat is jammer. Zo begon het idee klein, maar zoals alles wat klein begint werd het al snel groter wanneer er van alles bij komt. En nu ligt er eigenlijk teveel in de winkel.

De winkel hangt vol met voorbeelden en ideeën voor praktisch alle garens die te vinden zijn. Waaronder het merk Rowan, eentje waar ik nog niet eerder van gehoord had. Toch is het met een fabriek sinds 1978 een van de oudste merken garens die we kennen. Ze waren de eerste die aan de slag ging met wat creatievere garens. De luxe mixen van onder andere merino- en alpaca wol en viscose in de Rowan Felted zijn vind je bijna nergens anders. Maar wat ik het allerleukste eraan vind, en waarom ik best snap dat het Ria’s favoriete garen is, is dat het voelt als vroeger. De Rowan Felted Tweed is een echt kriebelig garen zoals ik me de truien en sjaals van vroeger voor kon stellen. En ik kan niet wachten om ermee aan de slag te gaan en een mooi paar wanten of een muts van te maken.

Ik moet helaas de kou weer in met mijn ‘gewone’ muts, door naar de volgende bestemming van vandaag. Maar ik weet wel dat als het straks warmer wordt, ik snel weer de trein naar dit uithoekje van Nederland pak. Want het is de drie uur reizen meer dan waard.

Geluk is te koop: Durable Cosy Fine

Haken is stressvol – ondanks wat iedereen zegt. Overal om je heen zie je nieuwe ideeën ontstaan maar je hebt nooit de tijd en het geld om het allemaal te maken. Dus moet je kiezen – en in mijn geval is dat bijzonder stressvol. Regelmatig kies ik ook niet, ja echt in alle eerlijkheid. En inmiddels moet ik waarschijnlijk ook opbiechten dat ik waarschijnlijk zelf prima een wolwinkel uit huis zou kunnen beginnen met de grote hoeveelheid garens die hier ligt. Hoog tijd om eens in de voorraad te duiken en te vertellen wat ik met de verschillende garens zou maken (en juist niet). Vandaag begin ik met mijn favoriet: Durable Cosy Fine.

Ik leerde het garen eigenlijk per toeval kennen toen ik op zoek was naar een goedkoper alternatief om een grote poncho te haken in Tunische steken. Waarbij ik trouwens niet wil insinueren dat Durable goedkoop is, maar het is ook niet gigantisch duur. Dus toog ik met een zak vol in twee kleuren naar huis en begon met mijn Tunische avontuur – en zo begon mijn liefde voor Durable Cosy Fine.

Het garen is echter waarschijnlijk meer bekend van de 2017 CAL Cosy Woondekens ontworpen door Jolanda en Naomi. Woondekens in twee kleurenvariaties gemaakt met dit garen. Of van de wanten en andere Scandinavische creaties van het Handwerkjuffie. Omdat het door de toevoeging van Acryl zo heerlijk luchtig is, houdt het ook fijn warmte vast. Toch splijt het niet al je haakt. Iets waar ik altijd een hekel aan heb.

Cosy Fine heet niet voor niets Cosy, want het is zacht en superfijn. Niet zacht in de zin van pluizig en het is ook wel soepel maar het heeft wat mij betreft wel iets weg van fluweel. Dat maakt het wat mij betreft uitzonderlijk geschikt voor kledingstukken. Die eerste poncho in Tunische steken, was een groot succes. Al moet ik, eerlijk is eerlijk, nog wel de poncho af werken. Met de restjes ben ik begonnen aan een Tunisch gehaakte shrug. Die is inmiddels af en draagt heerlijk. Het patroon is hier te vinden.

Dat is echter niet alles want ik ben fan van zachte knuffels, of knuffels in het algemeen, en zou daarom zeker aanraden om van dit heerlijke garen ook eens een amigurumi in elkaar te knutselen. Hoe groter hoe beter zou ik bijna zeggen. Dus, hoog tijd om jouw tas vol te stoppen met Durable Cosy Fine en heerlijk aan de haak te gaan.

Kunst en Kitsch: Royal Delft

Inspiratie vind je overal om je heen. En met technische snufjes als Pinterest, Ravelry en Facebook zou je tegenwoordig de deur niet meer uit hoeven om een nieuw project te vinden. Maar het kán wel! In de serie blogs ‘Kunst en Kitsch’ laat ik je zien welke musea mij inspireren voor nieuwe projecten. Soms heel simpel, soms iets minder – soms zelf ontworpen, en andere keren heel makkelijk te vinden en af en toe wat variaties op bestaande ontwerpen. Deze keer de Koninklijke Porceleyne Fles.

Delfts Blauw is bekend, beroemd zelfs. Maar wist je ook dat het nog steeds met de hand wordt gemaakt in diezelfde stad? Al sinds de 17e eeuw wordt hier volgens een door Joost Thooft verbeterd productieproces een hoogstaande kwaliteit aan Delfts Blauw geproduceerd. Zoals in veel gevallen is het Delfts Blauw ontstaan uit noodzaak en oorlog. Het Chinese porselein van blauw op wit gedecoreerde stukken servies werd al vanaf begin 1600 door de V.O.C. geïmporteerd naar Nederland. Door een burgeroorlog werd de toevoer van dit inmiddels zeer populaire product opeens beperkt en moest er een alternatief worden gezocht. Nederlandse pottenbakkerijen sprongen in het gat en zo is Delfts Blauw geboren.

Het meest unieke aan het gehele proces blijft het feit dat de decoratie in het zwart wordt aangebracht op het product en pas na het bakken zijn mooie blauwe kleur krijgt. Tenminste, de originele handgeschilderde stukken. Door de kobaltoxide (een samenstelling van de elementen Kobalt en Zuurstof) in de verf worden er chemische reacties veroorzaakt tijdens het bakproces die ervoor zorgen dat de verf blauw kleurt. Omdat je bij deze techniek de verf in 1 keer goed aan moet brengen op het object dat geschilderd wordt, is het een echte kunst. Het duurt dan ook wel even voor je tot meesterschilder aan de slag mag aan de ontwerpen. En zelfs dan wordt het patroon vaak eerst nog met potlood aangebracht op de vaas of het bord voor er daadwerkelijk op wordt geschilderd.

Door naar de minder breekbare toepassing van deze techniek, de gehaakte versie. Natuurlijk kun je elk patroon dat in blauw en wit is uitgevoerd met leuke patroontjes wel ergens binnen Delfts Blauw scharen – met een beetje fantasie. Maar het is natuurlijk nog leuker om de echte sfeer van Delft terug te zien in je werk. Zo maak je deze mooie Mandela deken van Lilla Bjorn heel makkelijk mooi Delfts Blauw door hem met blauw en wit te haken. Ook kun je natuurlijk de tulpentas in Delfts Blauwe kleuren haken. Neem daarvoor bijvoorbeeld een witte hoofdkleur, een donkerblauwe kleur voor de stengels en de blaadjes en een lichter blauw voor de tulp zelf. En als je Delfts Blauw net als ik wel wat ruimer neemt, dan haak je gewoon fijn de Holland’s Glorie tas

En als je mijn pagina in de gaten houdt, beloof ik je dat je binnenkort verrast wordt met een bijzonder en mooi project in Delfts Blauwe kleuren. 

Geluk is te koop: Scheepjes Softfun

Haken is stressvol – ondanks wat iedereen zegt. Overal om je heen zie je nieuwe ideeën ontstaan maar je hebt nooit de tijd en het geld om het allemaal te maken. Dus moet je kiezen – en in mijn geval is dat bijzonder stressvol. Regelmatig kies ik ook niet, ja echt in alle eerlijkheid. Maar ik merk wel dat ik steeds bewuster ga kiezen welke garens ik voor welk project gebruik – zeker als ik het zelf ontwerp. Laat ik je meenemen in mijn zoektocht naar het perfecte garen. Vandaag centraal: Scheepjes Softfun.

Niet dat ik het bewust deed, maar ik heb eigenlijk nog bijzonder weinig gehaakt met het merk Scheepjes. Wellicht dat het altijd zo uit kwam en dat ik pas sinds kort wat creatiever wordt, maar toen ik laatst in mijn favoriete winkel in Arnhem was om garens te kopen, kon ik er niet meer onderuit. Ik wist de kleuren en wat er van moest komen en toen bleek opeens dat Softfun precies in dat plaatje paste.

Softfun is net iets meer katoen dan acryl en superzacht om mee te haken. In mijn geval dus perfect voor een knuffel in de kinderkamer. Het is een garen dat net iets dikker is dan het normale katoen. Waardoor je er aan de ene kant net iets meer volume mee kan geven aan items als bijvoorbeeld kleding of omslagdoeken. Terwijl je aan de andere kant erg strak kunt haken zodat de vulling er niet doorheen komt.

Haak het met een kleine naald om een strak haakwerk te krijgen en een grotere om een luchtig resultaat te krijgen. Ik haakte van de restjes van twee bollen een heerlijke muts in de granietsteek. Door het wat dikkere garens met een grotere haaknaald te haken behoudt het zijn volume en blijft het heerlijk warm. Een heerlijk multifunctioneel garen dus dat eigenlijk overal wel in de kast hoort te liggen. Als je tenminste een fijne garenvoorraad thuis wilt hebben om nieuwe projecten mee te maken.

On tour: Atelier Jaffari in Arnemuiden

Soms ben ik heel bewust op zoek naar nieuwe adresjes en plekken om op bezoek te gaan. En soms ook niet, dan vinden de plekjes mij gewoon. Zoals Atelier Jaffari in Arnemuiden. Na een gezellig familiebezoek met strandwandeling en een goede dosis Indisch eten van vaders had ik besloten om zaterdags met mijn moeder nog even op pad te gaan. Precies op het moment dat ik me herinnerde dat er in Arnemuiden, een dorp praktisch om de hoek van Middelburg (waar ik ben opgegroeid) een garenwinkel is. Kortom, waar we heen gingen daar hoefden we het niet lang over te hebben. Jeanet had laten weten dat we van harte welkom waren en met de boodschappenlijstjes in de hand gingen we op weg.

Hoe ver de winkels ook in het land van elkaar liggen. In elke winkel die ik bezoek hoor je eigenlijk hetzelfde verhaal: ‘Ik wil graag dat mensen blij de winkel uit gaan’. Ook hier. Jeanet toont oprecht interesse in wat je wilt maken en denkt actief mee. Ze wil je graag verder helpen en heeft er geen bezwaar tegen als je alle bolletjes op tafel gooit om eens rustig uit te zoeken welke het beste past voor jouw project. De grote kasten met vakken met bolletjes, niet netjes opgestapeld maar functioneel neergelegd, nodigen uit tot rommelen en zoeken. Mijn moeder maakte meteen gebruik van de extra hulp aanwezig om ander garen uit te zoeken voor een omslagdoek die ze in de winkel had zien hangen. Zoals Jeanet zegt, is het niet alleen maar ja knikken, maar soms ook gewoon nee zeggen. Sommige patronen komen gewoon niet mooi uit met bijvoorbeeld verloopgaren met een kort verloop. En dan moet je het ook durven om iemand met lege handen de deur uit te laten gaan. 

Er zit een mooie historie achter de winkel, in verschillende opzichten. Zo’n 20 jaar geleden nam Jeanet de winkel over samen met haar man Ali. Hij heeft achterin een naaiatelier. Voorin is de kleine kast, aanvankelijk gevuld met katoen, sokkenwol en acryl, inmiddels verwisseld voor een serie kasten en tafels gevuld met allerlei bolletjes. De opkomst van blogs en daarmee de beschikbaarheid van patronen zo’n 7-8 jaar geleden heeft deze mogelijkheden gecreëerd. Na de vleermuismouwen en borsteltruien eind jaren ’80 eindigde in een dip voor haken en (met name) breien. Niet iedereen die twee naalden vast kon houden was meer aan het breien met als gevolg dat de verkoop ook terug liep. Inmiddels is dat anders en Jeanet is ook een blog begonnen: blij-dat-ik-brei.blogspot.com. Hier deelt ze allerlei ideeën die ze langs ziet komen, patronen en linkt ze naar andere mensen die mooie dingen maken. 

De echte passie begint toch bij die vleermuismouwen en borsteltruien. Of eigenlijk de Zeeuwse klederdracht en de visserstruien, onmisbaar in zo’n karakteristiek vissersdorp als Arnemuiden. Samen met Tante Zoet blies ze oude omslagdoekjes, breipatronen en visserstruien nieuw leven in. Want een klassiek wit omslagdoekje dat vroeger over de zwarte jurk onder de boezem werd vastgemaakt, is in een bonte Lang Yarns met grote haaknaald opeens een super comfortabele én hippe omslagdoek. En een serie oude breipatronen in blokken werd per ongeluk opeens een Zeeuwse deken. Vreemd eigenlijk om te denken dat er slechts 1 misschien 2 generaties zitten tussen mij en de mensen die de klederdracht droegen, maar ik er niet eens meer aan denk. Dit soort initiatieven zijn geweldig – vind ik – om erfgoed levende te houden. En als we gordijntjes zoals vroeger kunnen haken, waarom dan niet dit?

Een ding is zeker. Atelier Jaffari is op allerlei manier een geweldige bron van inspiratie. Dat straalt Jeanet sowieso uit als ze nog voordat we zitten begint te vertellen over het Brei- en Haakfestival elk jaar op de eerste zaterdag in juni – dit jaar ook daadwerkelijk 1 juni. Waar de auto’s voor de deur plaats maken voor witte tenten vol gebreide en gehaakte dekens, bloggers vanuit het hele land met workshops en een serie meegebrachte campingtafels en -stoelen. Een echt uitje, een soort van brei- en haakclub 2.0, met normaal een paar honderd mensen. Een snelle blik in het gastenboek op de balie laat zien hoeveel mensen een geweldige dag hebben gehad de afgelopen jaren. Kortom ik heb mijn kamer bij Hotel Mama al gereserveerd. En moeders? Die kijkt nu al uit naar het moment dat ze van de zomer op haar fietsje naar Arnemuiden kan om bolletjes te gaan shoppen voor een nieuw project. Heerlijk snuffelen en kletsen tussen de bolletjes. Ik kan me geen betere dagbesteding bedenken. 

Steek voor steek: Raster met blokjes

Het is volgens mij de kunst om niet alleen het juist garen maar ook de juiste steek voor een nieuw ontwerp uit te vinden. Waarmee ik absoluut niet wil zeggen dat ik degene ben die die kunst beheert, maar ik heb er wel wat ideeën over. En vreugde moet je delen om het te vermenigvuldigen, net als kennis geloof ik. Hoog tijd dus om jullie op de hoogte te stellen van mijn ideeën over de steek ‘Raster met blokjes’.

Eerlijk is eerlijk, ik ben fan van opengewerkte patronen. Simpelweg omdat ze heerlijk weg haken. Ik heb letterlijk de artikelen voor mijn afstudeeronderzoek gelezen terwijl ik een filetdeken zat te haken. En aangezien ik niet graag 1 ding tegelijk doe – is zo’n patroon voor mij de perfecte uitkomst om mezelf bezig te houden. Het is alleen jammer dat ik nog niet heb uitgevonden hoe ik fatsoenlijk een boek samen kan vatten en een deken kan haken. Maar vooruit, terug naar die steek.

Op de een of andere manier hebben we altijd het idee dat haken en breien met name iets voor truien en sjaals is – oftewel winterse aangelegenheden. Maar het is juist ook ideaal voor de opengewerkte patronen die in de zomer zo heerlijk zijn over een bikini om snel een drankje in een restaurant te halen of met een hemdje eronder gewoon naar kantoor. En ook spreien of een boodschappentas zijn prima gebaat bij een beetje opengewerkte patronen. In het eerste geval omdat een sprei over het algemeen groot moet zijn, maar niet altijd heel erg zwaar. Met een open patroon kun je veel meer oppervlakte ‘bedekken’ zonder dat er bijzonder veel garen in gaat zitten. Voor boodschappentassen ben ik ook ultiem fan van open patronen. Ten eerste ziet het er erg leuk uit en ten tweede is het ook handig. Want het neemt niet zoveel ruimte in je tas, maar als je hem nodig hebt kun je er toch veel in kwijt.

Dus als variant op een filetpatroon geef ik jullie de raster met blokjes. Het raster is niet gemaakt door een filetpatroon maar door lossenbogen die in de volgende toer met vasten halverwege worden verbonden. Hierdoor krijg je het hele leuke boogjespatroon wat je vaak in doileys tegen komt. Je gebruikt een veelvoud van 8 steken +5 +1. Haak 1v in de 2e l van de naald. haak vervolgens elke keer 5 l, sla 3 steken over en haak 1v in de volgende. Herhaal tot het eind. De volgende toer bestaat uit 5l, 1v in de losse-lus van de vorige toer, en dat herhaald tot het eind van de toer. Eindig met 1 stokje in de eerste vaste van de vorige toer. Dan komen de rasters in zicht. Deze toer wisselt drie toeren lossen-lussen af met stokjes. Je begint met 3l en 1 stok in de laatste stok van de vorige toer. Vervolgens haak je 2l, gevolgd door 1 stok in de volgende l-lus, 2l en daarna 4 stokken in de volgende lossen lus. Deze twee (1 stok en 4 stokken in de lus) blijf je afwisselen. Je eindigt met 1 stokje in de 3e beginlosse van de vorig toer. De volgende 3 toeren zijn weer lossen-lussen met elk 5 lossen. Waarbij je de eerste en de laatste van de 3 toeren begint met 5 lossen en een vaste in de eerste lus en eindigt met 2l en een stok in de laatste vaste of stok. De middelste toer begin je met een losse en een vaste gevolgd door de lossen lussen.

En geloof me, als je hem eenmaal te pakken hebt, doe je het met je ogen dicht. In mijn geval letterlijk. Met een heerlijk luchtig resultaat. Geschikt voor praktisch alles. Dus laat je fantasie de vrije loop.

Pageturner: Durable yarn – Moderne klassiekers

Boekjes met patronen, dan denk je eigenlijk al heel snel aan Durable. Tenminste ik wel. Maar de boekjes zijn geen bruinige A5 format samengebonden boekjes met zwart-wit schema’s. Nee de boeken van Durable zijn inmiddels net zo kleurrijk als het assortiment. En het boek Durable Yarn – moderne klassiekers staart je al vanaf verre uitnodigend aan om erin te kijken. Kijk je mee?

‘Durable… Wie is er niet groot mee geworden?’ is de eerste zin van het boek. En het had niet meer de spijker op zijn kop kunnen zijn. Ik ken haken in de eerste instantie van de gehaakte sprei op het bed van mijn moeder. En eerlijkheid gebied te zeggen dat we nog niet zo heel lang gelden de gordijntjes in mijn ouderlijk huis voor het keukenraam hebben weggehaald. Ook gehaakt. Inmiddels hangen nieuwe filetgehaakte gordijntjes trouwens boven voor de ramen op de slaapkamers van mij en mijn zusje.

Maar ondanks dat haken weer hip is en Durable eigenlijk nooit echt uit de mode is geweest, ben je soms wel even op zoek naar een nieuwe variant. Dit boek biedt dat. Van rondgehaakte tafelkleden tot kussen en doileys. Met precies die dosis van kleur die past bij deze tijd. Al was mijn overgrootmoeder er vast ook blij mee geweest.

De patronen zijn wellicht geupdate, maar ze stralen nog steeds de tijd van weleer uit. Misschien dat ik dat niet per se mag zeggen, immers is het merk garen vele malen ouder dan ik ben. Het boek doet niets af aan de patronen die wel iets weg hebben van kant die we zo kennen van Durable. Opengewerkte patronen, met hier en daar een kleine uitzondering, en patronen die perfect zijn voor onderweg. Wat mij betreft. Simple but sophisticated, zou je in het Engels zeggen. In het Nederlands? Zoals het hoort.

Dit boek staat vol met patronen die aan alle kanten nostalgie uitstralen en doen denken aan de tijd van vroeger. Waar ik haken van heb geleerd en nog steeds afgeleid van het idee dat patronen worden doorgegeven van generatie op generatie. Niet opgeschreven, maar uitgetekend of gewoon uit het hoofd gedaan. Maar elk van de items uit het boekje valt niet uit de toon in elk huidig huishouden. Ik ben ervan overtuigd dat niemand zonder een goed set handgemaakte onderzetters kan. En dit boek is het perfecte startpunt voor inspiratie.

Kunst en kitsch: Het Mauritshuis

Inspiratie vind je overal om je heen. En met technische snufjes als Pinterest, Ravelry en Facebook zou je tegenwoordig de deur niet meer uit hoeven om een nieuw project te vinden. Maar het kán wel! In de serie blogs ‘Kunst en kitsch’ laat ik je zien welke musea mij inspireren voor nieuwe projecten. Soms heel simpel, soms iets minder – soms zelf ontworpen, en andere keren heel makkelijk te vinden en af en toe wat variaties op bestaande ontwerpen. Deze keer: Het Mauritshuis, of zoals het volledigheid heet: Mauritshuis, Koninklijk Kabinet van Schilderijen.

Welkom in een van de mooiste gebouwen in Den Haag – het Mauritshuis

We weten allemaal dat het meest bekende museum in Nederland het Rijksmuseum in Amsterdam is, maar weten we ook dat veel van de belangrijkste werken in ons land eigenlijk naast het meest belangrijke gebouw in ons land hangen? Direct naast het Binnenhof en letterlijk in de achtertuin van het torentje staat namelijk het Mauritshuis. Het valt niet op en in vergelijking met andere musea vol grote werken is het bijzonder klein. Met maar 200 schilderijen op 2 verdiepingen en 18 kamers lijkt het nauwelijks de moeite waard. Maar laat ik dan vier woorden zeggen: Meisje met de Parel. Want Johannes Vermeer’s wereldberoemde schilderij hangt als pronkstuk in de laatste zaal. Na nieuw onderzoek is het inmiddels weer volop te aanschouwen en kijkt deze in bijna Arabische accessoires gehulde dame met een lichte twijfel en terughoudendheid haar nieuwsgierige bezoekers aan. Dat lijkt me reden genoeg voor een bezoek.

Alleen het interieur al…

Toen het schilderij net gemaakt was door Johannes Vermeer was er weinig waardering voor. Nu is dat trouwens geen uitzondering, veel schilders werden pas aan het eind van hun leven of (ver) na hun dood bekend. Maar dit schilderij was een iets ander verhaal. Het is ondanks wat er in het gelijknamige boek en de film over geschreven wordt, geen echt portret. Het schilderij is een tronie, een zogenaamde verpersoonlijking van een karakter, gemoedstoestand of een type, in het geval van het meisje een Oosters type. Dat het van Vermeer is, was trouwens ook lange tijd niet bekend – wellicht dat zijn roem, zowel van de schilder als van het schilderij daarom enige tijd duurde. Met het boek en de film is de populariteit inmiddels naar het hoogste niveau geklommen en zou je het schilderij bijna de Nederlandse Mona Lisa kunnen noemen. Bijna. Het werk van Vermeer is niet alleen uniek omdat het een Vermeer is, het kleurgebruik is net zo goed bijzonder en uniek te noemen. De schutere blik van het meisje wordt versterkt door de zachte kleuren die worden gebruikt en de simpele manier van schilderen.

Ik weet niet wie er treuriger kijkt 😉

Kortom, soms hoef je niet te moeilijk te doen om iets moois en uitzonderlijks te maken. Zo maakte ik deze sjaal en shrug met twee kleuren Scheepjes Tribe die erg op elkaar lijken. Toch is er een mooi zacht contract waarbij de een de andere versterkt. Of haal meteen inspiratie uit ‘Het Meisje met de Parel’ en maak eens een project met een klein kleurenpalet.